Ga direct naar: Hoofdnavigatie
Ga direct naar: Inhoud

De grote spelers: de kunstmarkt in Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog

Al voor de Tweede wereldoorlog Nederland bereikt bereiden de nazi’s de grootste kunstroof in de geschiedenis voor. Na de inval op 10 mei 1940 explodeert de Nederlandse kunsthandel. De kunstcollecties van vele Joodse families vormen het middelpunt van een grootschalig systeem van roof en handel. Duitse verzamelaars, musea en handelaars profiteren gretig van de situatie. Aan de top van deze kunstroof-operatie staan Adolf Hitler en Hermann Göring, beiden met enorme ambities voor hun kunstcollecties.

Daniela Solano

Spotprent over kunstroof

De aanloop: Joodse kunst op de Duitse markt (1933-1940)

Ontvreemding van Joods bezit vindt in Duitsland al plaats vóór het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. In 1933 begint de vervolging van Duitse Joden en de confiscatie van hun eigendommen. In een steeds vijandiger omgeving zien tal van Joodse families zich genoodzaakt hun kunst te verkopen, bijvoorbeeld om te kunnen voorzien in hun bestaansmiddelen na gedwongen ontslag, of om een vlucht uit Duitsland te kunnen bekostigen. Sommige Joodse verzamelaars proberen hun kunst in veiligheid te brengen door deze naar het buitenland te sturen. 

Een deel van deze objecten komt in Nederland terecht. Diverse Nederlandse kunstkopers bezoeken vanaf 1933 Duitse veilingen en kunsthandels waar zij – al dan niet zonder het te weten – objecten uit Joodse kunstverzamelingen aankopen. Nadat nazi-Duitsland in 1938 Oostenrijk annexeert, komt ook veel kunst uit collecties van Joodse Oostenrijkers op de markt.1

Bekijk de themapagina Verloren bezit: roof, handel en restitutie

Een bloeiende kunstmarkt in bezet Nederland

Verschillende partijen slaan gedurende de jaren 1940-1945 hun slag op de Nederlandse markt. Zo opereren een reeks Duitse kunsthandelaren in het bezette Nederland en koopt, soms in opdracht maar vaak voor eigen risico, kunstwerken van allerlei aard. Ook diverse musea maken gretig gebruik van de gelegenheid om hun collecties uit te breiden, terwijl er daarnaast tal van particuliere verzamelaars actief zijn. De meest dominante spelers en aanstichters van de hausse op de Nederlandse kunstmarkt zijn Adolf Hitler en Hermann Göring.

Hitlers verzameldrift

Adolf Hitler heeft een persoonlijke affiniteit met negentiende-eeuwse Duitse kunst en architectuur en beschouwt deze als instrument om het volk te vervullen van de grootsheid van het Duitse verleden en heden. Al lang voor de Tweede Wereldoorlog koestert hij plannen voor een nieuw museum en verzamelt hij schilderijen. Vanaf eind jaren dertig is het Oostenrijkse Linz het brandpunt van zijn culturele ambities. Deze stad, vlakbij zijn geboorteplaats, wil hij ombouwen tot de nieuwe culturele hoofdstad in het Derde Rijk. In het centrum moet onder meer een groot museum verrijzen, het Führermuseum, met hoogwaardige Europese kunstwerken uit verschillende eeuwen. Hitler hecht groot belang aan dit project en besteedt er veel tijd en energie aan. Om uitvoering te geven aan zijn plannen benoemt hij in 1939 de kunsthistoricus en museumdirecteur dr. Hans Posse tot Sonderbeauftragter des Führers.2

De collectie Sonderauftrag Linz

De collectie van de Sonderauftrag Linz is zowel voor het nog te bouwen Führermuseum als voor bestaande musea in Duitsland, Oostenrijk, Polen en Tsjechoslowakije bedoeld. Het 'Führermuseum' moet in 1950 geopend en openbaar toegankelijk worden. In de ogen van Hans Posse moet het zo'n 1200 schilderijen tonen: enerzijds Oude Meesters, anderzijds Duitse schilders uit de 19e eeuw.

Hitler kan zijn verzameling vooral uitbouwen dankzij het zogehete Führervorbehalt van 18 juni 1938: het recht op eerste aankoop van wat er in beslag is genomen of op de markt is gekomen na de Anschluss in 1938 in Oostenrijk. Hitler eist de kunstwerken op voor zijn privécollectie, met name bekende collecties zoals Rothschild, Gutmann en Bondy.3

Posse overlijdt in 1942 en wordt opgevolgd door Hermann Voss. In Nederland is het Erhard Göpel die werken verzamelt voor de Sonderauftrag. Hij zet Joodse kunsthandelaren als Vitale Bloch onder druk om schilderijen voor hem te vinden in ruil voor bescherming. 

De collectie bestaat uiteindelijk uit meer dan 5000 stukken waarvan er 3935 uiteindelijk zijn genummerd en gefotografeerd voor de ‘Linz-albums’. Deze foto’s en de bekende herkomstinformatie die daarbij hoort zijn te raadplegen via de database van het Deutsches Historisches Museum.

Bekijk alle objecten uit de NK-collectie die tot de Linz collectie behoorden

De verzameling van Göring

Een geduchte concurrent van Hitler bij het afromen van de Nederlandse kunstmarkt is rijksveldmaarschalk Hermann Göring. Deze nazileider is een kunstliefhebber met een sterke persoonlijke smaak. Zijn verzameltempo ligt aanvankelijk laag, maar neemt toe naarmate hij verder stijgt op de politieke en maatschappelijke ladder. Vanaf de tweede helft van de jaren dertig geeft hij enorme bedragen uit aan zijn collectie. Zijn vertegenwoordigers, waaronder Walter Andreas Hofer, doorkruisen Europa en vaak gaat Göring ook zelf op reis om aantrekkelijke werken te bekijken. In de loop der jaren brengt hij een collectie van meer dan vierduizend werken bijeen, deels door aankoop, deels uit geroofd Joods bezit.4 Ruim vierhonderd van deze werken bevinden zich in de NK-collectie.

Schilderijenruil met Alois Miedl

In februari 1944 denkt Hermann Göring erin geslaagd te zijn de kroon op zijn verzameling te zetten door de aankoop van een voordien onbekend werk van Johannes Vermeer van Delft: Christus en de overspelige vrouw. Hij verwerft het werk via Alois Miedl uit een privécollectie. De hoge aankoopprijs vergt offers en Göring moet een deel van dat bedrag voldoen door tientallen stukken uit zijn verzameling in te ruilen.

Tegen het einde van de oorlog schenkt Göring dit schilderij aan zijn vrouw Emmy. In mei 1945 wordt het door de Amerikaanse troepen in beslag genomen en in oktober 1945 naar Nederland gestuurd. Dan heeft Han van Meegeren, die verdacht wordt van collaboratie, al bekend dat hij meerdere ‘Vermeers’ heeft gemaakt. De schilderijen die Göring heeft geruild met Miedl worden doorverkocht aan diverse Duitse kopers. Ook deze schilderijen worden na de oorlog gerecupereerd naar Nederland. Met behulp van de Göring-catalogus is bij recent onderzoek meer informatie naar voren gekomen over van wie en wanneer precies schilderijen zijn verkregen.

De rol van Nederlandse veilinghuizen

Nederlandse veilinghuizen spelen een grote rol bij het aanbieden van geroofde kunst voor de kunstmarkt. Na de Tweede Liro-verordening kunnen nazi-kopstukken de kostbare werken als eerste aankopen. De overige werken worden verhandeld door veilinghuizen zoals Van Marle & Bignell in Den Haag, en Frederik Muller en Mak van Waay in Amsterdam.

S.J. Mak van Waay taxeert en verkoopt tijdens de oorlog kunstwerken voor de Liro. Van Marle & Bignell veilt tijdens de oorlog onder meer goederen voor de Sammelverwaltung feindlicher Hausgeräte, een Duitse instelling die tot taak heeft om boedels uit vijandelijk vermogen te beheren en voor nazi-Duitsland beschikbaar te maken.

De beheerder die na de oorlog door het Rijk over de Sammelverwaltung wordt aangesteld, stelt dat kopers zoals bij de firma Van Marle & Bignell moeten hebben geweten waar de kunstwerken vandaan kwamen. Hij schrijft: 'Het lijkt mij aan geen twijfel onderhevig, dat de koopers wisten om welke goederen het ging en dat dezen het volle risico van hun koopen moeten dragen'. Van Waay overlijdt uiteindelijk op 5 mei 1945. C. J. R Bignell, eigenaar van het veilinghuis wordt na de oorlog veroordeeld tot twee jaar gevangenisstraf en een beroepsverbod voor vijf jaar voor zijn acties tijdens de oorlog.5

Annotatie:

1 Rudi Ekkart en Eelke Muller, Roof & Restitutie p.68.
2 Rudi Ekkart en Eelke Muller, Roof & Restitutie p.68 en 71.
3 Birgit Schwarz, Hitlers Museum. Die Fotoalben Gemäldegalerie Linz: Dokumente zum Führermuseum’ (Wien/Köln/Weimar 2004). Böhlau
4 Roof & Restitutie p. 81 en 82.
5 Nederlandsche staatscourant, 12-02-1947.

Ontvang onze nieuwsbrief
De Oorlogsbronnen.nl nieuwsbrief bevat een overzicht van de meest interessante en relevante onderwerpen, artikelen en bronnen van dit moment.
WO2NETMinisterie van volksgezondheid, welzijn en sport
Contact

Weesperstraat 107
1018 VN Amsterdam

info@oorlogsbronnen.nl
Deze website is bekroond met:Deze website is bekroond met 3 DIA awardsDeze website is bekroond met 4 Lovie awards