Back to top

Zeer geslaagd was de tweede editie van de Noordelijke Netwerkdag Oorlogsbronnen. Het thema 'archeologie en de Tweede Wereldoorlog' ging gepaard met discussies over ethiek en professionaliteit, maar ook emotie en historische sensatie. De zes presentaties rond de thema’s ‘kamparcheologie’ en ‘archeologie van oorlog en bezetting’ illustreerden hoe belangrijk samenwerking en communicatie is.

Bijna negentig aanwezigen bezochten de netwerkdag begin juni, dit keer bij RHC Groninger Archieven en St. Oorlogs- en Verzetscentrum Groningen (OVCG). Bettie Jongejan, coördinator OVCG, trapte af met een persoonlijk verhaal. De ontdekking van loopgraven in haar achtertuin zorgde voor een historische sensatie. Daarna was het de beurt aan de programmamanager van Netwerk Oorlogsbronnen (NOB), Edwin Klijn. Met zijn boodschap ‘verbinden!’ legde hij het doel van NOB bloot: het vergroten van de vindbaarheid en het gebruik van de digitale collectie WO2 in Nederland.   

Kamparcheologie

Bij de uitvoering van kamparcheologie komen politieke gevoeligheden kijken, blijkt uit de eerste lezing onder discussieleider Martijn Eickhoff (NIOD). Ivar Schute van archeologisch adviesbureau RAAP vertelt over zijn werk in onder meer de kampen Sobibor en Treblinka. Hij en zijn collega's zijn op de voet gevolgd door media, belanghebbende regeringen en religieuze partijen. Ook het emotionele aspect van de nazorg aan nabestaanden, wanneer persoonlijke bezittingen terug worden gevonden, komt ter sprake.

Ethiek bij kamparcheologie komt eveneens bij conservator Guido Abuys van Herinneringscentrum kamp Westerbork aan bod. Vooraf en tijdens de opgravingen op en rondom het terrein van het voormalig kamp Westerbork voorzag hij archeologen van een historische context. Abuys vertelt ook over zijn ervaringen met ‘community archeologie’ bij de renovatie van de woning van de kampcommandant en onderzoek van de kamp-stortplaats. Gevonden voorwerpen worden verwerkt voor en met publiek en dat levert een verrassende dynamiek op.

Het interessante fenomeen van ‘dark tourism’ of ‘thanatoerisme’ wordt onderzocht door Dr. Dorina Buda van de Rijksuniversiteit Groningen en student Jordy Hendriksen. Waarom bezoeken we historische plekken die te maken hebben met dood en tragedie? Wat voelen we en wat leren we ervan? Daar houdt Buda zich mee bezig. Hendriksen interviewde de bewoners van het dorp Westerbork over het effect dat het voormalige doorgangskamp op hen heeft. “Alles went”, stellen geïnterviewden. De presentatie sluit mooi aan op de groeiende behoefte aan fysieke locaties en een tastbare plek om te kunnen herinneren, in plaats van monumenten.

Archeologie openbaar!

Onder leiding van Ruurd Kok van archeologisch adviesbureau RAAP is een drietal onderzoeken gepresenteerd waarbij de rol van amateurarcheologie, de openbaarheid van vondsten en rapportage en het gebruik van archieven door archeologen centraal stond. Jan en Joke Benjamins van Vereniging Historisch Anloo vertelden over hun ervaringen met de opgraving van een onderduikershol in de bossen van Anloo. Onder professionele begeleiding en in samenwerking met de gemeente hebben zij ervoor gezorgd dat de locatie van het voormalige hol archeologisch onderzocht is. Een maquette en gedenksteen gaan er onder meer voor zorgen dat het onderzoek een educatieve nasleep krijgt.

Archeologische locaties kunnen onherkenbaar zijn voor het ongeoefende oog, stelt Nick Warmerdam van Warmerdam Cultuurhistorisch Onderzoek. Hij is gespecialiseerd in de Atlantikwall en beargumenteert dat het niet altijd nodig is om te graven. Ook luchtfoto’s kunnen een grote dienst bewijzen waar het gaat om het lokaliseren van bijvoorbeeld loopgraven. Op de grond geeft afwijkende begroeiing soms aan waar loopgraven of holen gelegen moeten hebben. Warmerdam kaart tevens aan hoe belangrijk historisch onderzoek in archieven is bij archeologisch onderzoek. Samenwerking met historici is hierbij van groot belang.

De derde presentator van deze workshop, historisch geograaf Klaas Timmer, houdt zich ook bezig met Duitse verdedigingswerken. Veel landmarkeringen langs de kust zijn overblijfselen van de Atlantikwall. Dat gaat veel verder dan alleen de overgebleven bunkers. De workshopsessie wordt afgesloten een discussie over amateurarcheologie. Niet iedereen graaft volgens de regels en wetten van de archeologie. Daarbij gaan soms objecten verloren, wordt er niet helder gedocumenteerd en gecommuniceerd en spelen vaak tegenstrijdige belangen.

Meerwaarde

Archeoloog Evert van Ginkel sluit de druk bezochte netwerkdag af. Hij schudt het publiek nog een keer wakker door de meerwaarde van archeologische bronnen te bevragen. Vertellen ze de waarheid? Zijn archieven nodig om een context te creëren? Tijdens de afsluitende borrel worden discussies zonder moeite voortgezet.

Ivar Schute tijdens de Noordelijke Netwerkdag 2016
Ivar Schute
Edwin Klijn tijdens de Noordelijke Netwerkdag 2016
Edwin Klijn
Evert van Ginkel