Ga direct naar: Hoofdnavigatie
Ga direct naar: Inhoud

Nederlands Auschwitz Comité

Nederlands Auschwitz Comité
periode van ontstaan

Het archief is gevormd in de periode 1964-1999.

Geschiedenis

In januari 1952 ging een tiental overlevenden naar Auschwitz voor een herdenking van de bevrijding van het kamp door het Russische leger op 27 januari 1945. Terug in Nederland besloot de delegatie tot de oprichting van het 'Comité Herdenking Auschwitz'. De delegatie had een urn met as meegenomen uit Auschwitz, die werd bijgezet op de Nieuwe Oosterbegraafplaats in Amsterdam. In 1954 werd in Wenen het 'Internationaal Auschwitz Comité' opgericht. Dit Comité spoorde overlevenden in Europese landen aan om afdelingen op te richten in eigen land. In navolging van het Comité Herdenking Auschwitz werd daarom in 1956 het 'Nederlands Auschwitz Comité' (NAC) opgericht; initiatiefnemers waren Annetje Fels-Kupferschmidt, Eva en Jacques Furth, Rody en Louis Corper, David en Elly Geens, Manus en Saar Neter en J. Alvares Vega. Het NAC organiseerde de jaarlijkse herdenkingen op 27 januari en gaf een eigen periodiek uit: het 'Mededelingenblad'. Voor het Auschwitz comité toen en nu staat de lijfspreuk ‘Nooit meer Auschwitz’ centraal. Dit is het officiële uitgangspunt van het comité. Als doelstellingen heeft het comité verder: •Het herdenken van de Holocaust en het overdragen van kennis daarover. •Het bevorderen van non-discriminatie in de breedste zin van het woord, en het handhaven van de grondrechten, zoals weergegeven in artikel 1 van de Nederlandse Grondwet. •Het in opstand komen tegen schendingen van de mensenrechten.

Protest en herdenken Naast het organiseren van herdenkingen en reünies liet het NAC ook van zich horen in 1966, toen de oorlogsmisdadiger Willy Lages werd vrijgelaten. Ook toen in 1969 bekend werd dat de oorlogsmisdadigers Fischer, Kotälla en Aus der Fünten (de 'Drie van Breda') een gratieverzoek hadden ingediend, kwam het NAC in actie. Daarnaast spande het NAC zich in voor een pensioen voor vervolgingsslachtoffers, dat uiteindelijk tot stand kwam in de 'Wet Uitkering Vervolgingsslachtoffers' in 1972. Het aantal deelnemers aan de herdenking op de Oosterbegraafplaats nam jaarlijks toe. In 1977 werd een monument onthuld, dat de kunstenaar Jan Wolkers in opdracht van het comité had ontworpen. Het monument bestaat uit een plateau van gebarsten spiegelglas, met een staand paneel, waarin 'Nooit meer Auschwitz' staat gegraveerd. In de jaren 1970 en 1980 groeide de belangstelling van de buitenwereld voor de activiteiten van het comité. Ook het begrip voor het NAC nam toe. Tijdens de Koude Oorlog werd het NAC jarenlang gezien als een communistische mantelorganisatie, die nauwe banden onderhield met de politieke partij CPN. Het NAC heeft echter altijd haar eigen lijn getrokken, en met de dooi die inzette in de jaren 1980, evenals het toenemende begrip voor de immateriële schade van oorlogsgetroffenen, nam ook de belangstelling voor het NAC toe. Deze belangstelling leidde onder andere tot een regelmatig georganiseerde herdenkingsreis naar Polen, waar niet alleen Auschwitz-overlevenden aan deelnamen, maar ook een steeds grotere groep belangstellenden. De toenemende activiteiten en de vergrijzing binnen het NAC noodzaakten tot de oprichting van een steungroep in 1987. De bouw van een crematorium op de Oosterbegraafplaats in de nabijheid van het monument had tot gevolg dat een andere locatie werd gekozen voor de urn en het gedenkteken: het Wertheimplantsoen. In 1993 vond hier de eerste jaarlijkse herdenking plaats.

Tegenwoordig Ondanks de grote veranderingen die het NAC in de loop der jaren heeft doorgemaakt, heeft de vereniging als geen ander de kunst verstaan de lessen van de Holocaust over te brengen op nieuwe generaties. Dit blijkt onder meer uit de jaarlijkse Auschwitz-reis waarbij ook veel jongeren meegaan. Ondanks het afnemend aantal leden van het Auschwitz-comité dat ook daadwerkelijk in Auschwitz gevangen heeft gezeten, heeft de verenging een dusdanig goede omslag gemaakt dat het vandaag de dag één van de meest aansprekende naoorlogse organisaties is.

De jaarlijkse activiteiten schetsen dat: •Organisatie van de ‘Nooit meer Auschwitz’-lezing. •Uitgave en verspreiding van het Auschwitz-bulletin. •Contact houden met het Internationale Auschwitz Comité. •Reageren op actuele ontwikkelingen, wanneer vormen van discriminatie en/of aantasting van de grondrechten in het geding zijn. Na 40 jaar heeft een nieuwe generatie de taak van Auschwitz-overlevenden overgenomen om de Joodse slachtoffers te herdenken en te herinneren en om de lijfspreuk van het NAC: 'Nooit meer Auschwitz' uit te dragen.

Herdenking bij het monument te Auschwitz-Birkenau tijdens de eerste Auschwitz-reis in 1986. (bron: 'Nooit meer Auschwitz', Maarten Bijl)

Openbaarheid: Enkele inventarisnummers van dit archief zijn beperkt openbaar. Details staan vermeld in de rubriek "openbaarheid".
Het archief bestaat voornamelijk uit correspondentie en vergaderstukken. Daarnaast zijn er in het archief stukken te vinden over diverse reizen naar Polen en enige publicaties en krantenknipsels.
beheersgeschiedenis/overbrenging naar het NIOD

In 2006 nam het bestuur van het Nederlands Auschwitz Comité het besluit dat het archief van het NAC zou worden overgedragen aan het NIOD. Een gedeelte van het archief lag al bij het Gemeentearchief Amsterdam, wat na overleg als eerste is overgebracht naar het NIOD. Vervolgens is materiaal dat bij dhr. H. Sarfatij, secretaris van het NAC, lag overgebracht. Van de stukken die bij het gemeentearchief zijn opgehaald en de van de stukken die bij dhr. Sarfatij zijn opgehaald is één inventaris gemaakt. Bij het NIOD was ook materiaal afkomstig van (de nabestaanden van) Eva Furth, bestuurslid (1913-1988) van het NAC. Deze stukken zijn ook toegevoegd aan de inventaris

Ontvang onze nieuwsbrief
Tweewekelijks geven we je een overzicht van de meest interessante en relevante onderwerpen, artikelen en bronnen van dit moment.
Ministerie van volksgezondheid, welzijn en sportVFonds
Contact

Herengracht 380
1016 CJ
Amsterdam

020 52 33 87 0info@oorlogsbronnen.nlPers en media