Ga direct naar: Hoofdnavigatie
Ga direct naar: Inhoud

Nederlandse Krijgsgevangenen

Kort na de capitulatie op 14 mei 1940 werd een omvangrijk deel van de Nederlandse Land- en Zeestrijdkrachten in krijgsgevangenschap gevoerd. Na ongeveer 6 weken werden deze krijgsgevangenen, met uitzondering van de opperbevelhebber en de Generale Staf, uit krijgsgevangenschap ontslagen. Nog in diezelfde maand werden alle officieren die weigerden de " Verklaring op Eerewoord" te tekenen opnieuw in Duitse krijgsgevangenschap gevoerd. Het betrof hier enkele tientallen officieren. Op 15 mei 1942 werden vervolgens alle in Nederland aanwezige beroepsofficieren, cadetten en adelborsten in krijgsgevangenschap gevoerd.

Bij de bekendmaking op 29 april 1943 van de Wehrmachtsbefehlshaber in den Niederlanden, General der Flieger Fr. Christiansen, werd de terugvoering in krijgsgevangenschap gelast van het voormalige Nederlandse leger. Hiervoor werd als reden aangevoerd, dat afzonderlijke leden daarvan door hun vijandig gedrag telkens opnieuw het vertrouwen, dat bij hun vrijlating in hen werd gesteld, zouden hebben geschonden. Hierbij waren (theoretisch) ruim 250.000 manschappen gemoeid. Duitse en Nederlandse instanties bekeken wie er op bestuurlijk en economische vlak, met name in de landbouw- en voedselvoorziening, als "onmisbaar" kon worden aangemerkt. Voor deze personen werden er op ruime schaal "bewijzen van vrijstelling" afgegeven (en vervalst!). De Nederlandse krijgsgevangenen kwamen, vaak met krijgsgevangenen uit andere landen, in kampen door geheel Duitsland en Polen terecht. Tevens bevond zich een klein aantal kampen in Frankrijk en Oostenrijk. De kampen werden ingedeeld in Stalags (Stammlager) voor manschappen en Oflags (Offizierenlager) voor officieren. Aan deze kampen werd een (Romeins) cijfer toegekend welke stond voor het Wehrkreis (militair district) waarin het kampement gelegen was. Het regiem en de levensomstandigheden verschilden per kamp sterk. In sommigen kampen moest zelfs, tegen de regels van de Conventie van Genève in, dwangarbeid worden verricht. Naarmate de oorlog vorderde veranderde de houding van de Duitsers t.a.v. de krijgsgevangenen. Werd er aanvankelijk slechts disciplinair opgetreden tegen bijvoorbeeld vluchtpogingen, later werden deze gesanctioneerd met de doodstraf. Uiteindelijk zijn er tussen 1940 en 1945 ca. 13000 Nederlandse krijgsgevangenen weggevoerd, waarvan er door diverse oorzaken ongeveer 350 zijn omgekomen.

Nederlandse Krijgsgevangenen

De collectie dient in de studiezaal van het NIMH als volgt te worden aangevraagd: Collectie: Krijgsgevangenen 1940-1945 Toegangsnummer: 402

Bij het citeren van stukken in publicaties dient men de vindplaats ten minste eenmaal volledig en zonder afkortingen te vermelden, vervolgens kan volstaan worden met een verkorte titel.

Volledig: Nederlands Instituut voor Militaire Historie, Den Haag, Collectie Krijgsgevangenen 1940-1945, Toegang 402, inventarisnummer. ...

Verkort: NIMH, Krijgsgevangenen 1940-1945, 402, inv. ...

De oorsprong van de collectie Krijgsgevangenen ligt in de samenvoeging van kopieën uit een tweetal archieven. Het eerste archief betreft de Personalkarten Kriegsgefangenen. Deze cartotheek bestaat uit ongeveer tienduizend persoonskaarten van Nederlandse krijgsgevangenen en is afkomstig van de Wehrmacht-Auskunftstelle für Kriegsverluste und Kriegsgefangene. Deze Auskunftstelle was gedurende de oorlog gevestigd in Berlijn. Na de Duitse capitulatie zijn de kaarten die betrekking hebben op Nederlandse krijgsgevangenen uit deze cartotheek gelicht en kwamen ze via verschillende omwegen uiteindelijk terecht bij het Ministerie van Oorlog te Den Haag. Deze cartotheek wordt tegenwoordig beheerd door het Bureau Registratie en Informatie Ontslagen Personeel (BRIOP) te Kerkrade.

Het tweede gedeelte van de collecties betreft kopieën van invulformulieren die afkomstig zijn van het Ontvangst -Centrum Gerepatrieerde Krijgsgevangenen Weert. Deze formulieren werden door ex-krijgsgevangenen bij terugkeer in Nederland in dit ontvangstcentrum ingevuld. Dit archief wordt door het Centrale Archieven Depot (CAD) te Den Haag beheerd. Statistieken, overzichten en gegevens die uit deze formulieren zijn op te maken zijn grotendeels verwerkt in het proefschrift van D.J. Smit, Onder de vlaggen van Zweden en van het Rode Kruis. Het leven van Nederlandse militairen in Duitse krijgsgevangenschap 1940 - 1945 dat in 1997 verscheen. De kopieën van beide archieven werden door het voormalige Instituut voor Militaire Geschiedenis samengevoegd en alfabetisch geordend. De looptijd van de collectie omvat de jaren 1940 - 1946. De collectie is volledig openbaar. Het Nationaal Archief beheerd ook archiefbescheiden betreffende krijgsgevangenen. In archief 2.13.98 Ministerie van Defensie: Collectie Krijgsgevangenen bevinden zich persoonsgegevens afkomstig van het Ontvangst-Centrum Gerepatrieerde Krijgsgevangenen Zeist en het Ontvangst-Centrum Gerepatrieerde Krijgsgevangenen Weert.

Datum
1 januari 1940
Type
  • Archief
Collectie
  • Archieven NIMH
Datum
  • 1940-01-01
Ontvang onze nieuwsbrief
Tweewekelijks geven we je een overzicht van de meest interessante en relevante onderwerpen, artikelen en bronnen van dit moment.
Ministerie van volksgezondheid, welzijn en sportVFonds
Contact

Herengracht 380
1016 CJ
Amsterdam

020 52 33 87 0info@oorlogsbronnen.nlPers en media