Ga direct naar: Hoofdnavigatie
Ga direct naar: Inhoud

Krijgsgevangenschap en kampen

www.tweedewereldoorlog.nl/krijgsgevangenen

www.krijgsgevangen.nl

Bovenstaande publicaties en collectie zijn op afspraak ter inzage op de studiezaal van het NIMH. (telefoon 071-3162847) of per mail: nimh@mindef.nl

Tijdens de gevechtshandelingen in de meidagen van 1940 zijn ongeveer 20.000 Nederlandse militairen in krijgsgevangenschap naar Duitsland afgevoerd. Op grond van de capitulatieovereenkomst van 15 mei 1940 werd bepaald dat het gehele Nederlandse leger als krijgsgevangen werd beschouwd. Tijdens de periode van 15 mei tot 15 juli, de periode van de zogeheten demobilisatie, bleven de Nederlandse militairen in hun garnizoenen. Op 30 mei besloot Hitler de 20.000 Nederlandse militairen uit hun krijgsgevangenschap in Duitsland te ontslaan. In juli 1940 werd vervolgens het gehele Nederlandse leger, met uitzondering van de opperbevelhebber en de Generale Staf, uit krijgsgevangenschap ontslagen. Voor het beroepspersoneel gold echter de voorwaarde dat ze een erewoordverklaring zouden ondertekenen. Deze omstreden verklaring is op 14 juli door 99% van de 14.400 beroepsmilitairen (1600 officieren en 12800 onderofficieren), waaronder een klein gedeelte marinepersoneel, getekend. In totaal weigerden ongeveer 70 militairen te tekenen met als consequentie dat zij wederom in krijgsgevangenschap werden gevoerd. Deze groep zou bekend worden onder de naam 'Colditz-groep'.

De Duitse autoriteiten verplichtte de beroepsofficieren om zich jaarlijks ter controle te melden op een van de vijf daartoe aangewezen kazernes in Assen, Breda, Bussum, Ede of Roermond. In 1941 werden zij bij deze 'Eerste verplichte bijeenkomst ter controle van de voormalige Nederlandse Weermacht' na controle weer huiswaarts gezonden. Bij dezelfde controle een jaar later op 15 mei 1942 werden deze beroepsofficieren, cadetten en adelborsten, geheel onverwachts gevangen genomen en in krijgsgevangenschap naar Duitsland afgevoerd. Als reden hiervoor gaven de Duitsers dat sommige beroepsofficieren zich niet hadden gehouden aan de door hen ondertekende 'Verklaring op Eerewoord'. Het merendeel van deze beroepsofficieren zou gedurende de oorlog in de kampen Oflag XIIIB (Langwasser), Stalag 371 (Stanislau) en Oflag 67 (Neubrandenburg) verblijven. Een aantal hoofdofficieren verbleef in het kamp Oflag VIIC (Tittmoning). De reserve officieren werden hoofdzakelijk ondergebracht in Oflag XXIC (Schokken/Schildberg) en Oflag XXI C/Z (Grüne bei Lissa).

Bij bekendmaking van 29 april 1943 van de Wehrmachtsbefehlshaber in den Niederlanden, General der Flieger Fr. Christiansen, werd tenslotte de terugvoering in krijgsgevangenschap gelast van alle Nederlandse militairen; dus zowel het beroeps, reserve als het dienstplichtig personeel. De Duitsers voerden hierbij, net zoals in mei 1942, als reden aan dat een aantal militairen door hun vijandig gedrag het vertrouwen, dat bij hun vrijlating in hen werd gesteld, zouden hebben geschonden. Hierbij waren (theoretisch) ruim 250.000 manschappen gemoeid. De werkelijke reden van de oproep lag echter in het oplopende tekort aan arbeidspotentieel waarmee Duitsland kampte. Door Duitse en Nederlandse instanties werd er bekeken wie er op bestuurlijk en economische vlak, met name in de landbouw- en voedselvoorziening, als 'onmisbaar' kon worden aangemerkt. Voor deze personen werden er op ruime schaal bewijzen van vrijstelling, een zogeheten 'Blaue Ausweis', afgegeven (en vervalst!). Uiteindelijk zou van het beoogde aantal militairen maar een relatief klein gedeelte, ca. 8000 militairen, werkelijk in krijgsgevangenschap worden gevoerd. Het merendeel van deze 'groep van '43' kwam terecht in de kampen Stalag XIA (Altengrabow) en Stalag IVB (Mühlberg). Vanuit dit kamp kwam een groot deel van hen terecht bij zogeheten Arbeitskommando's waar zij gedwongen zwaar werk moesten verrichten. Het bekendste en beruchtste kamp was de Hydrierwerke te Brüx. In dit complex werd vanuit bruinkool synthetische brandstof vervaardigd ten behoeve van het Duitse leger. Door geallieerde bombardementen op deze raffinaderij kwamen enkele tientallen Nederlandse militairen om het leven.

De Nederlandse krijgsgevangenen werden, vaak met krijgsgevangenen uit andere landen, in kampen door geheel Duitsland en Polen geïnterneerd. Het Duitse kampsysteem kende een onderscheid in Stalag (Stammlager) voor manschappen en Oflag (Offizierslager) voor officieren. Aan deze kampen werd een (Romeins) cijfer toegekend hetgeen stond voor het Wehrkreis (militair district) waarin het kampement lag. Het regime en de levensomstandigheden verschilde per kamp sterk. Zo moest, tegen de regels van de Conventie van Genève, in verschillende kampen dwangarbeid worden verricht. Naarmate de oorlog vorderde veranderde de houding van de Duitsers ten opzichte van de krijgsgevangenen. Aanvankelijk traden ze slechts disciplinair op tegen bijvoorbeeld vluchtpogingen, later daarentegen werden deze gesanctioneerd met de doodstraf. Uiteindelijk zijn er tussen 1940 en 1945 ca. 13000 Nederlandse krijgsgevangenen weggevoerd waarvan er door diverse oorzaken ongeveer 350 zijn omgekomen.

De collectie dient in de studiezaal van het NIMH als volgt te worden aangevraagd: Collectie: Krijgsgevangenschap en kampen 1940-1945 Toegangsnummer: 444

Bij het citeren van stukken in publicaties dient men de vindplaats ten minste eenmaal volledig en zonder afkortingen te vermelden, vervolgens kan volstaan worden met een verkorte titel.

Volledig: Nederlands Instituut voor Militaire Historie, Den Haag, Krijgsgevangenschap en kampen 1940-1945, Toegang 444, inventarisnummer. ...

Verkort: NIMH, krijgsgevangenschap, 444, inv. ...

De collectie Krijgsgevangenschap en kampen is gevormd uit stukken die door het voormalige IMG in de loop der jaren onder de rubriek krijgsgevangenschap werden samengevoegd. Om deze reden kan de aard van het materiaal sterk verschillen en is er vanuit archivistisch oogpunt geen onderlinge historische samenhang. Het materiaal bestaat overwegend uit originele stukken over en van krijgsgevangenen. Naast correspondentie bevat de collectie tal van (originele) formulieren, dagboeken, tekeningen, overzichten en andere zaken die een indringend beeld geven van het dagelijkse leven in de verschillende krijgsgevangenkampen. De looptijd van de collectie omvat de jaren 1940-1947. De collectie is volledig openbaar.

Prikkeldraad, documentaire onder regie van B. Entrop. SOL Filmprodukties, Breda 2011

Krijgsgevangenschap en kampen, 1942 - 1945

G. van Amstel, De zak vol vlooien; Oflag 67, Stalag 371, ontsnappingen van Nederlandse officieren uit krijgsgevangenschap, 1942-1945 (Blaricum 1974)

W. Berkelaar, 'Ontvangen maar omstreden. Terug uit Duitse krijgsgevangenschap', in: Mensenheugenis. Terugkeer en opvang na de Tweede Wereldoorlog (Amsterdam 2001)

C.L.J.F. Douw van der Krap, Contra de Swastika; de strijd van een onverzettelijke Nederlandse marineofficier in bezet Europa (Bussum 1981)

H.W. van Dulmen Krumpelman, Langwasser, Stanislau en Neu-Brandenburg, mei 1942-juni 1945 (Haarlem 1948)

B. Entrop, Prikkeldraad; Nederlandse krijgsgevangenen spreken (Delft 1946)

J. Fernhout, ŽNiederländische Kriegsgefangenen in und um BerlinŽ, in: R. Spanjer (Hrsg.) Zur Arbeit gezwungen. Zwangsarbeit in Deutschland 1940-1945 (Bremen, 1999)

L. den Hartog, Officieren achter Prikkeldraad 1940-1945; Nederlandse militairen in Duitse krijgsgevangenschap (Baarn 1983)

A.T.W. de Kluis, De Pastorie van Mühlberg (Den Haag 1950)

P. Kannmann, Das Kriegsgefangenenlager XIA Altengrabow 1939-1945 (Maagdenburg, 2015)

A.P. Kole, Herinneringen aan krijgsgevangenschap (Altengrabow, Straatsburg, Stuttgart, Ludwigsburg) 1943-1945 (Neunen 1998)

H. Larive, Vannacht varen de hollanders (Amsterdam 1950)

D. van Maarseveen, Fotograaf in krijgsgevangenschap; Duitsland 1943-1945 (Amsterdam 1984)

E.J.J.F. Rossmeisl, 'Geprüft. Tekeningen van Nederlandse militairen in Duitse krijgsgevangenschap 1940-1945', in: Armamentaria Jaarboek Legermuseum, 43 (2008-2009) p. 198-227

E.J.J.F. Rossmeisl, 'Van Willemsoord naar Ludwigsburg', in: Marineblad, februari 2010, p. 36-40

D.J. Smit, Onder de vlaggen van Zweden en van het Rode Kruis. Het leven van Nederlandse militairen in Duitse krijgsgevangenschap 1940-1945 (Den Haag 1997)

J.G. Sutherland, Dagboek van mijn krijgsgevangenschap te Neurenberg, Stanislau en Neubrandenburg (Driebergen 1985)

A.G. Verhulst, Dagboek 1943-1945; krijgsgevangen in Stalag IVB (2009)

'Onze officieren in krijgsgevangenschap. Gedenkboek'. Uitgave Ons leger, 31e jaargang, nr. 5 (mei 1947)

Datum
1 januari 1942
Type
  • Archief
Collectie
  • Archieven NIMH
Datum
  • 1942-01-01
Ontvang onze nieuwsbrief
Tweewekelijks geven we je een overzicht van de meest interessante en relevante onderwerpen, artikelen en bronnen van dit moment.
Ministerie van volksgezondheid, welzijn en sportVFonds
Contact

Herengracht 380
1016 CJ
Amsterdam

020 52 33 87 0info@oorlogsbronnen.nlPers en media