Ga direct naar: Hoofdnavigatie
Ga direct naar: Inhoud

Reichskommissar für die besetzten niederländischen Gebiete

Status: Bruikleencollectie Nationaal Archief
Over het archief: De functie van Reichskommissar viel rechtstreeks onder het Führerhauptquartier van Adolf Hitler. Als hoogste bestuursfunctionaris in bezet Nederland had Arthur Seyss-Inquart de bevoegdheid verordeningen uit te vaardigen die kracht van wet hadden. De secretarissen-generaal van de departementen kon hij uitvoeringsvoorschriften opleggen. Het Rijkscommissariaat kende, naast de Stab, een eigen secretariaat-generaal: de Präsidialabteilung. Deze afdeling hield zich onder meer met personeelsaangelegenheden bezig. Voor het bestuur van de provincies en de twee grote steden Amsterdam en Rotterdam stelde Seyss-Inquart gevolmachtigden aan: de Beauftragten des Reichskommissars. Seyss-Inquart had voorts de beschikking over Beauftragten die belast waren met speciale taken.
De Reichskommissar für die besetzten niederländischen Gebiete

Op 14 mei 1940 capituleerde het Nederlandse leger. Nederland kreeg een Duits militair bestuur. Vijftien dagen later echter werd het militaire bestuur vervangen door een burgerlijk bestuur, dat onder leiding kwam te staan van Reichskommissar dr. Arthur Seyss-Inquart. Als Reichskommissar für die besetzten niederländischen Gebiete ontving hij zijn bevelen rechtstreeks van de Rijkskanselarij in Berlijn. Direct ondergeschikt aan Hitler was Seyss-Inquart de hoogste vertegenwoordiger van de bezettingsmacht in Nederland. Hitler verwachtte van hem dat hij Nederland en de Nederlanders op behoedzame wijze nationaal-socialistisch zou maken. Hij mocht het bezette gebied ontzien, met het oog op het behoud van de koloniën en de inschakeling van Nederland bij de Duitse oorlogseconomie. Seyss-Inquart gaf zijn bestuur het karakter van een toezichthoudend bestuur, een "Aufsichtsverwaltung" en deelde het in vier Generalkommissariate in. Dit waren het Generalkommissariat für Finanz und Wirtschaft (financiën en economie) van dr. Hans Fischböck, het Generalkommissariat für das Sicherheitswesen (openbare orde en veiligheid) van Hanns Albin Rauter, het Generalkommissariat zur besonderen Verwendung (bijzondere aangelegenheden) van Fritz Schmidt en het Generalkommissariat für Verwaltung und Justiz (bestuur en justitie) onder leiding van dr. Friedrich Wimmer.

Seyss-Inquart (met bloemen) en Wehrmachtbefehlshaber F.C. Christiansen op het Haagse Binnenhof bij hun installatie op 29 mei 1940.

Het Reichskommissariat kwam boven het Nederlandse bestuur te staan. Aangezien het kabinet in ballingschap in Londen verbleef, werd het Nederlandse bestuur geleid door de ambtelijke hoofden van de departementen, de secretarissen-generaal. De Nederlandse departementen mochten niets van belang ondernemen zonder machtiging van de boven hen staande Generalkommissar. In de praktijk bleken de bevoegdheden van de Generalkommissariate veel uitgebreider dan alleen toezicht houden.

Levensloop van Arthur Seyss-Inquart Arthur Seyss-Inquart werd op 22 juli 1892 geboren in Stannern in Moravië, destijds onderdeel van de Oostenrijks-Hongaarse dubbelmonarchie. Hij was de jongste van zes kinderen. De jonge Arthur was overtuigd katholiek en koesterde sterke Duits-nationalistische gevoelens. Toen hij zestien was verhuisde het gezin naar Baden, ten zuiden van Wenen. In 1910 slaagde hij voor zijn eindexamen gymnasium en ging in Wenen rechten studeren. Hij vocht als vrijwilliger in de Eerste Wereldoorlog, werd meerdere malen wegens dapperheid onderscheiden en klom op tot Oberleutnant. In december 1916 trouwde hij met de Oostenrijkse generaalsdochter Gertrud Máschka. Na de oorlog werd hij advocaat, maar hij bleef zich voor politiek interesseren en verkeerde veel in nationalistisch gezelschap. Tijdens de beklimming van de hoogste Tiroler bergtop in augustus 1928, kwam Seyss-Inquart zwaar ten val. Aan de beenbreuk die hij opliep, hield hij een stijf en korter linkerbeen over. Eind 1931 werd hij donateur van de NSDAP. Op 16 februari 1938 werd hij leider van de overgangsregering naar de Anschluss, die uiteindelijk op zondag 13 maart werd afgekondigd.

Seyss-Inquart was een gesloten persoon, zijn politieke visie was zelfs voor directe naasten ondoorzichtig. Bij de Anschluss, waarin Seyss-Inquart een grote maar voor zijn medespelers onduidelijke rol speelde, werd hij benoemd tot Reichsstatthalter. Zijn macht werd echter beperkt door de Reichskommissar voor de Ostmark, Josef Bürckel. Wel droeg hij er een jaar na de Anschluss toe bij dat Slowakije een Duitse satellietstaat werd. Op 1 mei 1939 werd hij Reichsminister en kreeg daarvoor een Ministeramt in Berlijn. Van oktober 1939 tot midden mei 1940 was hij in Krakau plaatsvervanger van Generalgouverneur van Polen, Hans Frank. Om verschillende redenen beviel hem de functie daar niet, wat tot gevolg had dat hij Hitler vroeg om overplaatsing naar de militaire dienst. In plaats daarvan kreeg hij een nieuwe bestuurlijke functie met de verantwoordelijkheid die hij zo graag had: Rijkscommissaris voor het bezette Nederlandse gebied. Na enige tijd in hotel "Kasteel Oud-Wassenaar" te hebben geresideerd, betrok hij het landgoed "Clingendaal" te Wassenaar.

Op 20 april 1941 werd Seyss-Inquart ter gelegenheid van de verjaardag van de Führer door Himmler bevorderd tot de honoraire rang van SS-Obergruppenführer. In mei 1945 werd hij door Canadese troepen gearresteerd. Bij de Neurenberger processen werd hij schuldig bevonden aan oorlogsmisdaden. Op 16 oktober 1946 werd hij opgehangen.

Seyss-Inquart bij zijn arrestatie.

Organisatie van het Reichskommissariat Het kantoor van Seyss-Inquart was gevestigd in het gebouw van het Departement van Buitenlandse Zaken aan het Plein in Den Haag. Tijdens de eerste jaren van de bezetting hield Seyss-Inquart elke vrijdagochtend een "Chefsitzung". Behalve Rauter, Wimmer, Fischböck en Schmidt waren daarbij ook aanwezig Otto Bene, de vertegenwoordiger van het Auswärtige Amt, Wilhelm Harster, de Befehlshaber der Sicherheitspolizei und des SD, en Hans Piesbergen, chef van Seyss-Inquart's Präsidialabteilung.

Seyss-Inquart (voorgrond) geflankeerd door zijn naaste medewerkers Fischböck, Schmidt, Rauter en Harster.

Naast de vier Generalkommissariate beschikte Seyss-Inquart over een eigen Stab en een Präsidialabteilung. Tot de herfst van 1941 viel ook de Notstandsbeihilfe onder zijn gezag, en vanaf 1942 eveneens het Deutsches Theater in den Niederlanden.

In de eerste fase van de bezetting had Seyss-Inquart nog de illusie dat hij de Nederlanders met zachte hand richting het nationaal-socialisme kon manoeuvreren. Toen bleek dat de meeste Nederlanders niets voor het nationaal-socialisme voelden, verhardde hij zijn aanpak. De reactie van de Duitse politie-autoriteiten op de februaristaking van 1941 markeert deze omslag van een ogenschijnlijk soepele houding van de bezetter naar een beleid van repressie en uiteindelijk terreur. Vanwege de kwetsbare locatie in de kuststreek, werd het Reichskommissariat in 1943 overgeplaatst naar Apeldoorn. Na Dolle Dinsdag op 5 september 1944 week Seyss-Inquart met zijn staf uit naar Delden, waar hij zijn intrek nam in kasteel "Twickel". Andere onderdelen van het Reichskommissariat vestigden zich in nabijgelegen hotels en villa's. Eind maart 1945 vertrok Seyss-Inquart richting Beilen.

Bij de beschrijving van het Reichskommissariat kan de indruk gewekt worden dat het Duitse bestuursapparaat werkte als een goed lopend uurwerk, waarin alle functies precies omschreven en afgebakend waren. Dit is niet het geval. Het Reichskommissariat was een log en wijdvertakt apparaat, waarin functieomschrijvingen elkaar overlapten, afdelingen in de loop van de tijd verschoven of opgeheven werden en afdelingshoofden in competentiestrijd verwikkeld waren. Dit was het gevolg van het feit dat veel centrale instellingen van het Duitse Rijk (Auswärtige Amt, Ministerium für Volksaufklärung und Propaganda, de SS) bemoeienis mochten hebben met het bestuur in bezet gebied en ook van de neiging van nationaal-socialisten (en zeker Hitler zelf) om ook intern het verdeel en heers principe toe te passen.

Informatie over de organisatie en de taak van de Hauptabteilungen is te vinden op de desbetreffende plaats in de inventaris.

De inventaris is in 2004 vervaardigd door de Centrale Archief en Selectiedienst. De inleiding is in 2002 vervaardigd door drs. Lieke Janssen.

Reichskommissar für die besetzten niederländischen Gebiete
Openbaarheid: Deze stukken zijn beperkt openbaar. Zij zijn slechts raadpleegbaar na verkregen toestemming van de directeur van het NIOD. Voor bezoekers die deze toestemming willen hebben, ligt een formulier bij de balie van de studiezaal van het NIOD.
Ontvang onze nieuwsbrief
Tweewekelijks geven we je een overzicht van de meest interessante en relevante onderwerpen, artikelen en bronnen van dit moment.
Ministerie van volksgezondheid, welzijn en sportVFonds
Contact

Herengracht 380
1016 CJ
Amsterdam

020 52 33 87 0info@oorlogsbronnen.nlPers en media