Ga direct naar: Hoofdnavigatie
Ga direct naar: Inhoud

Centraal Distributiekantoor [117]

Status: Bruikleencollectie Nationaal Archief
Over het archief: In 1942 werd deze dienst een zelfstandige afdeling van het Departement van Handel, Nijverheid en Scheepvaart.
Geschreven en getypte documenten, geen bijzondere handschriften
beheersgeschiedenis/overbrenging naar het niod

In augustus 1956 is een eerste toegang vervaardigd door mejuffrouw J. Buzeman, hist.dra. De door haar aangetroffen ordening van de circulaires van het Centraal Distributiekantoor, nl. chronologisch en naar onderwerp, is indertijd gehandhaafd. Bij de huidige bewerking in 2011 is gekozen voor een indeling naar organisatie.

Openbaarheid: Enkele inventarisnummers van dit archief zijn beperkt openbaar. Details staan vermeld in de rubriek "openbaarheid".
periode van ontstaan

(1939)1940-1945.

Geschiedenis

Al voor de oorlog was het Centraal Distributiekantoor (CDK) belast met de distributie van levensmiddelen in tijden van schaarste. Het CDK, ingesteld op 30 augustus 1939, had als neventaak het voorkomen van prijsopdrijving en hamsteren. Was tijdens de Eerste Wereldoorlog de distributie nog een gemeentelijke aangelegenheid, in aanloop naar de Tweede Wereldoorlog werd het centrale distributiebeleid bepaald door het CDK.

De voor de oorlog aangestelde directeur van het CDK dr. W.L. Groeneveld Meyer werd eind 1940 op last van de Duitsers vervangen door Sybren de Hoo. In 1942 werd het CDK een zelfstandige afdeling binnen het Departement van handel, Nijverheid en Scheepvaart. Een jaar later verhuisde het in Den Haag gevestigde hoofdkantoor naar Zwolle. Op 15 december 1944 werd een tijdelijk Centraal Distributie Kantoor voor het bevrijde Nederlandse gebied opgericht met als standplaats 's-Hertogenbosch/Vught. Deze scheiding werd pas in januari 1946 ongedaan gemaakt toe het hoofdkantoor terugkeerde naar Den Haag.

Het CDK stelde zo'n vijfhonderd distributiekringen in en beschikte over vier distributie-inspecties. In de ruim duizend gemeenten werden gemeentelijke distributiediensten opgezet, die werk boden aan twaalfduizend personen. Alleen al Amsterdam en Rotterdam hadden elk meer dan duizend distributieambtenaren in dienst. Bij het CDK werkten in de lente van 1943 bijna zeventienhonderd mensen, waaronder opvallend weinig NSB'ers. Gedurende de gehele bezetting produceerde het CDK meer dan tienduizend circulaires, bedoeld als richtlijnen aan burgemeesters en hoofden van distributiediensten. Het was niet ongewoon dat per week meer dan honderdduizend poststukken de deur uit gingen. Papierversnipperaars verwerkten in 1941 wekelijks ruim twaalf tot papier, afkomstig van ingeleverde bonnen en opplakvellen.

De basis van het distributiesysteem was de distributiestamkaart. Om in aanmerking te komen voor een distributiestamkaart moest men opgenomen zijn in een bevolkingsregister. In september 1939 konden gezinshoofden de Rijksdistributiekaarten voor zijn gezin of inwonenden afhalen. Op vertoon van de stamkaart kon men bij een distributiekantoor bonkaarten krijgen voor gerantsoeneerde goederen. Op 11 oktober 1939 ging suikers als eerste artikel op de bon, een maand later gevolgd door erwten. In de eerste bezettingsmaand kwamen daar brood, koffie, thee en schoenen bij. Gaandeweg de bezetting waren steeds meer artikelen alleen met een bon verkrijgbaar: van fietsen en fietsbanden tot steenkool en tabak. Van de levensmiddelen bleven alleen vis, groente en fruit lange tijd buiten de distributie.

In de loop van 1943 ontwikkelden de Duitsers plannen om het distributiesysteem in te zetten bij de bestrijding van weigeraars van de arbeidsinzet, contractbrekers en onderduikers. Medio december dat jaar werd de Tweede Distributiestamkaart ingevoerd, die alleen nog geldig zou zijn binnen de distributiekring waarin hij was uitgereikt. Door allerlei tegenwerking kon de Tweede Distributiestamkaart pas in de loop van juni 1944 landelijk in gebruik genomen worden.

In een aantal bijzondere gevallen vonden nog enkele grotere uitreikingen plaats van (nood-)stamkaarten, zoals na het bombardement van Rotterdam op 14 mei 1940 en na de bevrijding in mei 1945. De rantsoenering bleef ook in de naoorlogse jaren van kracht. Pas op 14 januari 1952 kwam het laatste distributiegoed, koffie vrij ter beschikking. Bijna twee jaar eerder, op 1 mei 1950 was het Centraal Distributiekantoor opgeheven.

Blijf tweewekelijks op de hoogte
Ministerie van volksgezondheid, welzijn en sportVFonds
Contact

Herengracht 380
1016 CJ
Amsterdam

020 52 33 87 0info@oorlogsbronnen.nlPers en media