Ga direct naar: Hoofdnavigatie
Ga direct naar: Inhoud

Getuigen Verhalen, Kamp Amersfoort, interview met J. Jeronimus

Jan Jeronimus (1925) is enig kind. Zijn vader komt uit Brabant en werkt in de scheepsbouw, zijn moeder komt uit Rotterdam. Na de lagere school heeft hij in juli 1942 examen MULO-B gedaan, vervolgens ging hij aan het werk bij een kaashandel in Rotterdam. In mei 1940 is hij getuige van het bombardement op Rotterdam, waarvan hij zegt dat de lucht van de verbrande huizen en slachtoffers in zijn neus is blijven hangen. Na oproep voor Arbeitseinsatz is hij in werkkamp Hemrik Noord in Friesland geplaatst waar hij moet werken in de landbouw. Hier heeft hij ca. 6 maanden verbleven tot begin 1943. Na terugkeer in Rotterdam vat geïnterviewde het plan op om naar Engeland te reizen met enkele lotgenoten. De route loopt via Frankrijk en Spanje en hij heeft valse papieren. Bij controle op het station in Maastricht wordt hij echter opgepakt. Via de gevangenis in Maastricht wordt hij overgebracht naar Kamp Amersfoort in de winter van 1943. Hier is hij werkzaam bij het grondcommando en het werkcommando vliegveld Soesterberg, waar hij ontsnapt aan een bombardement doordat hij die dag net in de ziekenbarak verblijft. Op het appèl heeft kampoudste Reese hem een gebroken kaak geslagen. Hij neemt zich voor om hem na de oorlog te vermoorden. In deze tijd zijn Berg, Kotälla en Oberle als bewakers aanwezig. Hij werkt ca. 3 maanden in het kamp voor hij wordt verhoord door Berg. Geïnterviewde vertelt hem dat hij in Maastricht was omdat hij op reis was naar zijn zieke moeder in Rotterdam tijdens zijn verlof uit Aken. Hier was hij zogezegd in een werkkamp voor de fabriek van Gustav Taubel werkzaam. Berg geloofde hem en hij werd “teruggestuurd“ naar Aken. Hier werkte hij als lasser en later als voorman dakreparatie. De fabriek maakte spoorwegwagons alsmede onderdelen voor de duikboten en werd een aantal malen gebombardeerd. Toen hij met behulp van een grensarbeider ontsnapte, werd hij opnieuw in Maastricht opgepakt en nogmaals 4 maanden tewerkgesteld. Hij kon na verkregen verlof van drie dagen in Rotterdam onderduiken, waar hij opnieuw tijdens een razzia werd opgepakt. Hij wordt naar de omgeving van Hannover Münden gebracht, waar hij aan het eind van de oorlog door de oprukkende Amerikanen wordt opgepakt. Hij is een aantal maanden tot aan de bevrijding in Nederland als tolk in Amerikaans uniform werkzaam. Uiteindelijk keert hij met een groep NSB-ers terug naar Nederland. Hij ontloopt na de oorlog de politionele acties in Nederlands-Indië door als marineman met het schip Hrm. van Speijk naar Curaçao te varen. Na 30 maanden dienstplicht begint hij aan zijn burgercarrière.
Ontvang onze nieuwsbrief
Tweewekelijks geven we je een overzicht van de meest interessante en relevante onderwerpen, artikelen en bronnen van dit moment.
Ministerie van volksgezondheid, welzijn en sportVFonds
Contact

Herengracht 380
1016 CJ
Amsterdam

020 52 33 87 0info@oorlogsbronnen.nlPers en media