Ga direct naar: Hoofdnavigatie
Ga direct naar: Inhoud
Bron delenBron delen

Amsterdam, 'De Dokwerker'

'De Dokwerker' in Amsterdam herinnert aan de Februaristaking in 1941. Deze eerste grootscheepse protestactie wordt jaarlijks herdacht in het besef dat bescherming van vrijheden en mensenrechten onontbeerlijk is, zeker in tijden wanneer er sprake is van uitingen van onverdraagzaamheid en discriminatie. In de periode voorafgaand aan de Februaridagen van 1941 werd er door de bezetter steeds meer druk uitgeoefend op het politieke en economische leven en kregen de anti-Joodse maatregelen een steeds grimmiger karakter. Geüniformeerde NSB'ers van de Weerbaarheidsafdeling (WA) gingen over tot het organiseren van provocaties in Joodse buurten. Eigenaars van hotels en cafés werden gedwongen plakkaten op te hangen met de tekst 'Joden niet gewenscht', er werden marktkramen vernield, ruiten van winkels ingegooid en Joden mishandeld. Op 11 februari 1941 kwam het op het Waterlooplein tot een ware veldslag, waarbij de WA'er Hendrik Koot zwaargewond raakte en enige dagen later aan zijn verwondingen overleed. Als reactie hierop werd de oude Joodse wijk een dag later door de bezetter afgesloten. Op 17 februari ontstond er veel ophef over het feit dat bij de Nederlandse Scheepbouw Maatschappij in Amsterdam-Noord door loting een aantal ongehuwde arbeiders voor dwangarbeid in Duitsland werden aangewezen. Alle arbeiders verlieten de werf en ook op andere werven legden de arbeiders het werk neer. Op 19 februari werd in de Van Woustraat 'IJssalon Koco' van de Duits-Joodse vluchtelingen Ernst Cahn en Alfred Kohn bestormd door manschappen van de Grüne Polizei. Toen de manschappen al schietend binnendrongen, werden zij opgewacht door een knokploeg die bij hen ammoniak in het gezicht spoten. Alle aanwezigen werden gearresteerd. Er volgden harde represailles. Op bevel van SS-chef Heinrich Himmler, rijkscommissaris Arthur Seyss-Inquart en SS-generaal Hanns Albin Rauter vond er in de Jodenbuurt een grootschalige razzia plaats. 427 Joodse mannen in de leeftijd van 18 tot 35 jaar werden bij hun gezinnen weggehaald en naar het Jonas Daniël Meijerplein gebracht. Van daaruit werden zij op transport gezet naar de concentratiekampen Buchenwald en Mauthausen. Slechts twee van hen zouden het overleven. De verontwaardiging bij de Amsterdammers was groot. In de avonduren van 24 februari 1941 werd op de Noordermarkt een korte bijeenkomst gehouden, waaraan veel ambtenaren deelnamen. De circa 250 aanwezigen werden toegesproken door onder meer de gemeentearbeider Dirk van Nimwegen. Nog dezelfde nacht werd door de illegale Communistische Partij Nederland (CPN) het manifest Staakt, staakt, staakt !!! opgesteld, dat in de vroege ochtenduren werd verspreid aan de poort van talrijke bedrijven. De oproep vond breed gehoor onder de Amsterdammers. Overal in de hoofdstad werd het werk neergelegd en ontstond een sfeer van spontane saamhorigheid. Het openbaar vervoer kwam tot stilstand en bij nagenoeg alle andere gemeentelijke diensten werd het werk neergelegd. Er werd gestaakt bij de scheepsbouw en metaalbedrijven in Noord, bij de confectiefabriek Hollandia-Kattenburg en bij grootwinkelbedrijven als de Bijenkorf. Een dag later breidde de staking zich uit tot de Zaanstreek, Kennemerland (Haarlem en Velsen), Hilversum, Utrecht en Weesp. De bezetter reageerde furieus. Op 26 februari nam generaal Friedrich Christiansen het gezag in de provincie Noord-Holland over. Op zijn bevel moest er bij onlusten en samenscholingen met scherp in de menigte worden geschoten. De stakers gingen weer aan het werk. In de weken die daarop volgden werden honderden stakers en vooral CPN'ers gearresteerd. Sommigen kwamen voor het vuurpeloton, anderen kregen langdurige gevangenisstraffen opgelegd. De Februaristaking van 1941 was de eerste, grote daad van verzet in Nederland tegen het antisemitisme en de terreur van de Duitse bezetter. Oprichting Kunstenaar Mari Andriessen maakte het beeld in opdracht van het Amsterdamse gemeentebestuur. Het beeld is in een Parijse gieterij gegoten. Aanvankelijk stond 'De Dokwerker' met zijn armen gestrekt naar het Waterlooplein. In 1970 is het beeld verplaatst richting de synagoge, vanwege werkzaamheden aan de metro. De keuze voor het Jonas Daniël Meijerplein heeft te maken met de razzia's van 1941, maar ook met de onzekerheid over hoe de jodenbuurt zou worden opgeknapt. Het monument is niet alleen de centrale plaats van de herdenking van de Februaristaking, het is ook een aantal keren het begin of eindpunt geweest van demonstraties tegen racisme. Onthulling Het monument is onthuld in december 1952 door Hare Majesteit Koningin Juliana.
Ontvang onze nieuwsbrief
Tweewekelijks geven we je een overzicht van de meest interessante en relevante relevante onderwerpen, artikelen en bronnen van dit moment.
Ministerie van volksgezondheid, welzijn en sportVFonds
Contact

Herengracht 380
1016 CJ
Amsterdam

020 52 33 87 0info@oorlogsbronnen.nlPers en media